Skeptische-artikelen.nl

Een kritische kijk op populaire fenomenen

 

Geloof als kern van morele normen en waarden

Door Brian Dunning

Is godsdienst onontbeerlijk voor het hebben van morele kernwaarden?

(Het onderstaande artikel verscheen eerder als 'Religion as a Moral Center' op skeptoid.com)

Vandaag trekken we de la open van het bureau op onze hotelkamer, zien we de bijbel liggen en worden we direct geconfronteerd met de behoefte om een moreel ijkpunt te hebben, een stel kernwaarden en ethische normen die bepalen hoe we ons gedragen en ons leven leiden.

Misschien zult u hiervan schrikken, maar ik ben niet godsdienstig. Ik geloof niet in het bestaan van bovennatuurlijke machten of goden. Daar is niks slechts of verkeerds aan. Ik beschouw de god van de Christenen op dezelfde manier als de gemiddelde Christen aankijkt tegen Shiva, Athena, of Thetan. En het is ook niet slecht of fout om te twijfelen aan de goddelijkheid van bovengenoemde ‘godheden’. Toch is de algemene opvatting van een aantal godsdienstigen dat niet-godsdienstigen of atheïsten geen morele kernwaarden zouden hebben. Tijdens nachtelijke braspartijen met mijn gelovige vrienden heb ik meer dan eens gehoord dat geloof een noodzakelijke voorwaarde is voor het bezitten van een bepaalde kern van normen en waarden. Dit komt voort uit de gedachte dat een godsdienstige overtuiging een belangrijke rol speelt bij het ontwikkelen van een normaal, gezond stelsel van normen en persoonlijke gedragingen. Zonder geloofsovertuiging is iemand niet zo gauw geneigd om een ‘gewetensvol’ mens te worden. Eén van de vele redenen dat gelovigen zo hun best doen om niet-gelovigen te bekeren, heeft dus ook te maken met dit standpunt; zij willen hen helpen hun morele kernwaarden te ontdekken, want anders zouden ze maar als een stelletje naakte, goddeloze heidenen over deze aarde rondrennen, overal dood en verderf zaaiend.

Mijn antwoord aan deze gelovigen — na ze te hebben bedankt voor hun aanname dat ik elke vorm van ethisch besef ontbeer — is het vergelijken van onze morele kernwaarden om eens even te kijken waarin nu het verschil zit. Als u mij persoonlijk zou kennen zou u mij waarschijnlijk een redelijk fatsoenlijk mens vinden, net als u zelf bent, iemand die geen moeilijkheden zoekt of veroorzaakt, zijn tanden poetst, zijn kinderen naar school brengt en probeert zachtjes te praten als hij in de bibliotheek is.

Net als u, ben ik doorgaans een eerlijk mens. Ik licht mijn zakenpartners niet op, ik maak mijn handen niet vuil aan duistere deals. Ik steel niet en mijn ergste overtreding is het negeren van de snelheidslimiet op de snelweg. Ik lieg voortdurend, maar alleen als het een leugentje om bestwil is: “Ja hoor, je ziet er fantastisch uit in die harembroek.”

Net als u, ben ik een faire sporter, zelfs als de tegenstander onsportief wordt. Ik probeer mijn verlies waardig te dragen en als ik win probeer ik dat ook in stijl te doen.

Net als voor u, is mijn gezin het allerbelangrijkste in mijn leven. Mijn allerhoogste prioriteit in dit leven is ervoor zorgen dat mijn gezin in liefde en met vertrouwen kan leven, en dat ze gelukkig zijn.

Net als u, heb ik een duidelijk besef van goed en kwaad. In het algemeen gesproken vind ik het verkeerd om je zo te gedragen dat anderen gekwetst of gewond worden, en de meesten van ons proberen dit gedrag dan ook ten koste van alles te vermijden.

Net als u doe ik mijn uiterste best om als een soort Batman in actie te komen als ik zie dat iemand zijn portemonnee heeft verloren — ook als het om een wildvreemde gaat, ook als die persoon van een ander ras is of een andere taal spreekt. Het zou nooit bij u of mij opkomen om zo'n portemonnee zelf te houden, of een beloning te verwachten voor het terugbrengen.

Als ik een oudere dame op straat zie, hol ik niet naar haar toe om haar vervolgens een klap in het gezicht te geven en haar tasje te stelen; net zomin als een gelovig mens dat zou doen. Maar het valt me wel op dat geen enkel gelovig mens ooit zou zeggen: “Wat zou ik dat oude mens graag een klap verkopen, maar dat kan ik niet want God heeft me dit verboden.” Niemand zal dit namelijk zomaar doen, omdat het zo overduidelijk verkeerd is. Zelden of nooit zal iemand die in zijn hart een goed mens is — en dat zijn de meesten van ons — een godsdienstig gebod nodig hebben om hem ervan te weerhouden iets verkeerds te doen.

Samengevat komt het hierop neer: mijn morele kernwaarden zijn in wezen dezelfde als die van u. Ze spruiten voort uit de fundamentele goedheid van de mens, en mijn eigen besef van goed en kwaad is iets universeels dat door iedereen onderschreven wordt. Dit besef is niet ontstaan door het lezen van bepaalde godsdienstige geschriften, of uit angst voor de straf van een of andere godheid. Aangezien ik deze ethische normen en waarden heb ontwikkeld zonder gelovig te zijn, vraag ik mij af hoe het toch komt dat mijn normen en waarden zo lijken op die van de gemiddelde Christen of Boeddhist? Ik sta op het standpunt dat ieders morele kernwaarden gebaseerd zijn op de menselijke natuur, dat ze ook gevormd worden door het omgaan met anderen in deze maatschappij, en dat er een aangeboren besef is van goed en kwaad. Aangezien iedereen deze eigenschappen al bezit, is het dus volkomen overbodig en onnodig om ook nog eens ‘het’ geloof erbij te betrekken als bron van morele kernwaarden.

Een vaak gehoord antwoord van gelovigen is, dat God juist deze eigenschappen aan de mens heeft gegeven: gezond verstand, en het vermogen om goed en kwaad van elkaar te onderscheiden. Als dat zo is, en iedereen (met inbegrip van atheïsten) is uitgerust met de fundamentele behoefte aan een aantal morele kernwaarden, zijn we nog steeds net zover als eerst. Een godsdienstige opvoeding blijft daarmee nog steeds iets overbodigs.

Het geloof is voor de meeste mensen een belangrijk en geliefd deel van hun leven. Het belijden van een godsdienst geeft veel mensen op verschillende manieren voldoening. Maar om een goed mens te worden is het absoluut niet nodig om godsdienstig te zijn, en dit is ook geen voorwaarde voor het kunnen ontwikkelen van een gezond normbesef. Weldoeners, opvoeders, artsen, verpleegkundigen en Nobelprijswinnaars zijn aanhangers van dezelfde godsdiensten en levensbeschouwingen (inclusief atheïsme) als de gemiddelde bevolking, en dat komt omdat zij de gemiddelde bevolking zíjn.

Vertaald door Irene Venditti. Op deze site is het (nog) niet mogelijk om reacties te lezen en te plaatsen. Daarvoor verwijzen we je naar het oorspronkelijke artikel, waar je ook de (Engels) gesproken podcast kunt vinden, alsmede literatuurreferenties en links naar gerelateerd materiaal.

Terug naar artikeloverzicht